C.4 Oedeemfysiotherapie

Zie ook noot 16 en noot 17

Complex Decongestive Therapy (CDT) bij lymfoedeem

De ‘International Society of Lymphology’ (Consensus Document, 2009) beveelt aan om lymfoedeem te behandelen met Complex Decongestive Therapy (CDT, complexe ontstuwingstherapie). Deze methode bestaat uit een combinatie van manuele lymfedrainage (MLD, een specifieke milde massagevorm), compressietherapie, huidverzorging en oefentherapie. Een volumereductie van > 150 ml wordt als klinisch relevant omschreven. De meeste onderzoeken die werden geselecteerd, beschreven behandelingen van patiënten met lymfoedeem met stadium I en II.
De wetenschappelijke bevindingen ten aanzien van Complex Decongestive Therapy (CDT) zijn opgenomen in noot 16.

 

Oefentherapie, low level lasertherapie, diepe oscillaties, lymfetape en intermitterende pneumatische compressie (IPC) bij lymfoedeem

Ook oefentherapie, low level lasertherapie, diepe oscillaties, lymfetape en intermitterende pneumatische compressie (IPC) werden in de geselecteerde literatuur beschreven ter behandeling van lymfoedeem. 
De wetenschappelijke bevindingen ten aanzien van deze behandelingswijzen bij lymfoedeem zijn opgenomen in noot 17.

 


Aanbevelingen in geval van lymfoedeem

  • Voorlichting over het ontstaan van lymfoedeem bij hoogrisicopatiënten vindt preoperatief plaats op de mammacarepoli. Daarnaast wordt postoperatief bij het eerste consult door de fysiotherapeut uitleg gegeven over het belang van een vroege detectie, de werking van het lymfestelsel, welke subjectieve symptomen (een zwaar, strak gevoel in de arm en/of hand en zwelling) kunnen duiden op lymfoedeem en wat de behandelingsmogelijkheden zijn. Uitgelegd wordt dat normaal gebruik, in relatie tot de fysieke mogelijkheden van de patiënt, geen risico is voor het ontstaan van lymfoedeem. Patiënten met lymfoedeem moeten worden voorgelicht over zelfmanagement, het gebruik van zelfmassagetechnieken en een actieve leefstijl. Belangrijk zijn consequent gebruik van een therapeutisch elastische kous (TEK) (levenslang of alleen bij subjectieve symptomen), huidverzorging, beweeggedrag en gewichtsbeheersing. Goede begeleiding bij het aanmeten en gebruik van een TEK is erg belangrijk, aangezien dit een zeer ingrijpende (altijd zichtbaar en voelbaar) en confronterende maatregel is.

  • Aanbevolen wordt bij lymfoedeem te verwijzen naar een fysiotherapeut die is opgeleid in oedeemfysiotherapie. Als er geen adl-beperkingen zijn, met onderliggende stoornissen in spier- en gewrichtsfunctie kan ook worden doorverwezen naar een huidtherapeut.

  • Aanbevolen wordt bij een volumetoename van 5-10% een TEK aan te meten en de patiënt te instrueren in zelfmanagement. Op basis van volumeverschil (meer of minder dan 10%) wordt bepaald of de TEK levenslang moet worden gedragen of alleen bij subjectieve symptomen.

  • Aanbevolen wordt bij lymfoedeem (> 7% in vergelijking met andere arm) gedurende 2-4 weken intensief te behandelen (3-5 keer per week). De onderhoudsfase bestaat uit zelfmanagement en het gebruik van een TEK gedurende de dag. Indien de TEK levenslang moet worden gedragen, wordt 1 keer per jaar, vóór de verstrekking van een nieuwe TEK, aanbevolen de omvang van de arm te meten en het zelfmanagement te bespreken. Als het volume in vergelijking met de andere arm > 7% toeneemt of het volumeverschil > 20% is, is opnieuw behandelen geïndiceerd.

  • Met de patiënt wordt een behandelplan opgesteld met doelen en evaluatiemomenten. Dit vergroot mede het zelfmanagement.

  • Aanbevolen wordt bij lymfoedeem instructie te geven ten aanzien van huid- en wondverzorging vanwege het risico op verminderde wondgenezing bij lymfoedeem.

  • Eenduidige voorlichting is belangrijk, omdat onvoldoende of tegenstrijdige voorlichting meer risico geeft op bewegingsangst, die kan resulteren in arm-schouderbeperkingen en lymfoedeem.

  • Het verdient aanbeveling het armvolume te evalueren tijdens de oefeninterventie.

  • Tijdens de eindevaluatie van de behandeling wordt aanbevolen de risicofactoren met de patiënten te bespreken en te adviseren om opnieuw contact op te nemen met de behandelend fysiotherapeut in geval van functieklachten, een infectie (erysipelas of wondroos) in de risicoarm of de behandelde thoraxhelft en/of tekenen van lymfoedeem.


 

Aanbevelingen ten aanzien van low level lasertherapie, lymfetaping of diepe oscillaties bij lymfoedeem

  • Op dit moment is er nog onvoldoende wetenschappelijk bewijs om low level lasertherapie, lymfetaping of diepe oscillaties aan te bevelen ter reductie van lymfoedeem.


 

Noot 16 Complex Decongestive Therapy (CDT) bij lymfoedeem

Noot 16 Onderzoeken van Torres Lacomba et al. (2010), Todd et al. (2008) en Box et al. (2002b) toonden aan dat bij patiënten die fysiotherapie kregen en die werden gescreend op lymfoedeem, snel kon worden gestart met CDT als dit nodig was. Het lymfoedeem was dan minder ernstig dan bij latere detectie en behandeling. Stout (2008) toonde aan dat bij subklinisch lymfoedeem (volumetoename 5-10 %) een therapeutisch elastische kous (TEK) gedurende 3 maanden een effectief hulpmiddel was om het lymfoedeem te reduceren. Op basis van volumeverschil werd bepaald of de TEK levenslang moest worden gedragen of alleen bij subjectieve symptomen.

Het review van Devoogdt et al. (2010) liet zien dat het effect van elevatie (hoogleggen) van de arm op lymfoedeem niet is bewezen. Wel werd CDT beschreven als een effectieve behandelmethode, alhoewel het effect van de verschillende onderdelen onduidelijk was. Een oedeemreductie trad op van 298-652 ml (19-66%) als resultaat van CDT. De optimale behandelduur leek 1 maand, met een behandelfrequentie van 4-5 keer per week. Twee studies behaalden echter het eindresultaat al na 2 weken (Moseley et al. , 2006).

Volgens een cohortstudie van Vignes et al. (2007) nam in de onderhoudsfase het risico op een volumetoename van > 10% toe (RR = 1,55) door het niet dragen van een TEK of korte rekzwachtel. De cohortstudie van Ferrandez (2005) liet zien dat simpele bandages, synthetische watten in combinatie met korte rekzwachtel, een significant beter resultaat gaven in vergelijking met bandages met veel polstering.

Met betrekking tot pijn toonde een cohortstudie van Hamner & Fleming (2007) aan dat door CDT de VAS-score significant afnam (76% van de patiënten was pijnvrij na behandeling).

In een cohortstudie van Koul et al. (2007) werd het verschil in behandeling tussen CDT en alleen manuele lymfedrainage (MLD) onderzocht. In beide groepen verbeterde het volumeverschil significant en was het resultaat klinisch relevant.

In cohortstudies van Johansson & Branje (2010) en Petrek et al. (2001) werd de armomvang bij lymfoedeempatiënten elke 6 maanden geëvalueerd, met een maximale follow-up van 20 jaar. Zelfmanagement bestond uit het dagelijks gebruik van een therapeutisch elastische kous gedurende de dag, huidverzorging en advies de arm hoog te leggen in rust. Als het volume meer dan 5% toenam of het relatieve oedeemvolume > 20% was, werd CDT (in combinatie met intermitterende compressietherapie) gegeven gedurende 1 week.

Devoogdt et al. (2010) onderzochten het effect van de verschillende behandelmethodes op lymfoedeem. Zij toonden een significant effect aan van MLD-therapie gecombineerd met bandageren of TEK én huidverzorging en/of voorlichting. Moseley et al. (2007) en Kligman et al. (2004) beschreven volumereducties na MLD van respectievelijk 104-260 ml en 8-84%. 
In 1 RCT (Torres Lacomba et al., 2010) werd in de initiële behandelfase, naast interventies om de armfunctie te optimaliseren, manuele lymfedrainage gegeven. Dit leek een effectieve behandelinterventie, omdat er in de controlegroep, die alleen voorlichting kreeg, significant meer lymfoedeem voorkwam. In de controlegroep zaten wel meer patiënten die radiotherapie kregen. Het verschil tussen de oefeninterventie met en zonder manuele lymfedrainage is niet onderzocht. 
Met betrekking tot het bandageren bleek dat bandageren met daarna een TEK een beter resultaat gaf dan een TEK alleen (Preston et al., 2009).

Kligman et al. (2004) toonden aan dat bandageren het lymfoedeem verminderde. Onderzoek door Damstra & Partch (2009) naar compressietherapie (korte rekzwachtels) bij patiënten met matig (20-40%) en ernstig lymfoedeem (> 40%) liet zien dat compressie leidde tot significantie oedeemreductie (odds ratio 6,4). Deze studie toonde aan dat een lagere druk (20-30 mmHg) beter werd verdragen dan een hogere druk (44-58 mmHg) en minstens zo effectief was. In deze laatste studie waren patiënten met percentueel ernstiger lymfoedeem geïncludeerd dan in de andere studies.

Volgens het Cochrane review van Preston et al. (2009) en het review van Kligman et al. (2004) kon door het dragen van de TEK het lymfoedeem stabiliseren of mogelijk licht verbeteren. Er werd dan geadviseerd om de TEK levenslang te dragen.

 

Niveaus van bewijs

Niveau 1. Het is aangetoond dat bij verhoogd risico het regelmatig meten van beide armen in het eerste jaar postoperatief leidt tot een vroege detectie van lymfoedeem en een minder ernstige vorm van lymfoedeem. Bij een volumetoename van 5-10% is een TEK gedurende 3 maanden een effectief hulpmiddel. Op basis van volumeverschil wordt dan bepaald of de TEK levenslang moet worden gedragen of alleen bij subjectieve symptomen. (A2: Torres Lacomba et al., 2010 ; Todd et al., 2008. B: Stout et al., 2008 ; Box et al., 2002.) Het is aangetoond dat CDT een effectieve behandelmethode is bij lymfoedeem (> 5%). Er is bewijs dat manuele lymfedrainage, in combinatie met een of meer van de volgende behandelmodaliteiten (compressietherapie, oefentherapie en huidzorg) een positief effect heeft op lymfoedeem (met name stadium I en II). (A1: Devoogdt et al., 2010; Preston et al., 2009; Moseley et al., 2006; Kligman et al., 2004. B: McNeely et al., 2004.) Het is aangetoond dat compressietherapie met een matige druk leidt tot een significante volumereductie. (A1: Preston et al., 2009; Kligman et al., 2004. B: Damstra & Partch, 2009.)

Niveau 2. Mits een TEK wordt gedragen én er wordt behandeld bij een toenemend armvolume, is het aannemelijk dat de armomvang tot 20 jaar na het ontstaan van lymfoedeem stabiel blijft. (B: Johansson & Branje, 2010; Petrek et al., 2001.) Het is aannemelijk dat manuele lymfedrainage in de initiële behandelfase, naast interventies om de armfunctie te optimaliseren, een effectieve behandelinterventie is. (A1: Torres Lacomba et al., 2010.)

Niveau 3. Er zijn aanwijzingen dat zowel door CDT, als alleen door MLD het lymfoedeem vermindert. (C: Koul et al., 2007.) Er zijn aanwijzingen dat pijn bij lymfoedeem door CDT significant afneemt. (C: Hamner & Fleming, 2007.) Er zijn aanwijzingen dat compressietherapie met weinig polstering meer reductie geeft dan compressietherapie met veel polstering. (C: Ferrandez, 2007.)

 

Noot 17 Overige behandelingen

Noot 17

Oefentherapie, low level lasertherapie, diepe oscillaties, lymfetaping, en intermitterende pneumatische compressie (IPC) bij lymfoedeem

 

Oefentherapie

Moseley et al.(2007), McKenzie et al. (2003) en Lane et al. (2007) toonden aan dat zowel veneuze als lymfatische afvoer werd gestimuleerd door spiercontracties. Druk op het lymfevat activeerde het sympatische zenuwstelsel, waardoor de autonome pompfunctie van het lymfestelsel werd gestimuleerd. Voor dit effect zouden de mm. latissimus dorsi, biceps en triceps brachii getraind kunnen worden.

De RCT’s van Hayes et al. (2008) en Schmitz et al. (2009) toonden aan dat compressietherapie zinvol was tijdens het oefenen als voorzorgsmaatregel om toename van het lymfoedeem te voorkomen. De cohortstudie van Johansson et al. (2005) liet zien dat onmiddellijk na weerstandsoefeningen (eenmalig) met lage intensiteit de omvang van de arm significant kon toenemen, maar dat na 24 uur geen significant verschil meer waarneembaar was.

McNeely et al. (2010), Hayes et al. (2009) en Ahmed et al. (2006) concludeerden dat er geen evidentie was dat oefentherapie (van de bovenste extremiteit) zowel postoperatief, als tijdens en na systeemtherapie, lymfoedeem kan veroorzaken. Ook patiënten die in de fase na de adjuvante behandeling een oefenprogramma ter verbetering van de spierkracht en de conditie volgden, vertoonden geen toename van de armomvang.

Schmitz et al. (2009) onderzochten het effect van oefentherapie met matige intensiteit op patiënten met stabiel lymfoedeem na borstkanker. Over het algemeen nam het volume van de arm niet toe. Indien het volume van de arm wel toenam, werd oefentherapie van de bovenste extremiteit gestaakt en werden patiënten verwezen voor behandeling van het lymfoedeem. Als het volume gereduceerd was tot waarden van voor de exacerbatie werd de oefentherapie van de bovenste extremiteit hervat.

Tidhar et al. (2010) gaven aan dat hydrotherapie op de korte termijn een significant en klinisch relevant effect had op het armvolume bij lymfoedeem. Op de lange termijn was er echter geen verschil met de zelfmanagementgroep.

 

Niveaus van bewijs

Niveau 1. Het is aangetoond dat matig intensieve oefentherapie geen negatief effect heeft op het ontstaan en verergeren van lymfoedeem en dat oefentherapie zelfs een positief effect heeft op de lange termijn, omdat de lymfatische afvoer wordt gestimuleerd. (A1: Moseley et al., 2007. A2: Schmitz et al., 2009; Ahmed et al., 2006; Bicego et al., 2006. B: Hayes et al, 2009; Lane et al., 2007; Johansson et al., 2005; McKenzie et al., 2003.) 

Niveau 3. Er zijn aanwijzingen dat hydrotherapie op de korte termijn een significant en klinisch relevant effect heeft op de armvolume bij lymfoedeem. (B: Tidhar et al., 2010.)

 

Intermitterende Pneumatische Compressie (IPC)

Szuba et al. (2002) beschreven dat IPC in combinatie met MLD en bandageren (10 dagen) de omvang van het lymfoedeem meer reduceerde dan MLD en bandageren. Na 40 dagen waren de effecten echter vergelijkbaar en ging de extra volumereductie verloren.

 

Niveau van bewijs

Niveau 3. Er zijn aanwijzingen dat IPC in combinatie met MLD en bandageren de omvang van het lymfoedeem op de korte termijn meer reduceert dan MLD en bandageren alleen; op de langere termijn is er echter geen verschil. (B: Szuba et al., 2002.)

 

Low level lasertherapie

Een onderzoek van Carati et al.(2003) laat zien dat low level lasertherapie geen significant effect geeft. Er zijn echter meerdere studies die wel een significant effect geven, maar deze doorstonden niet de kwaliteitscriteria en worden daarom verder in deze statement buiten beschouwing gelaten.

 

Niveau van bewijs

Niveau 3. Er is onvoldoende bewijs om low level lasertherapie bij lymfoedeem te adviseren. (B: Carati at al., 2003.)

 

Diepe oscillaties

In vergelijking met manuele lymfedrainage (MLD) alleen kunnen diepe oscillaties van de borst in combinatie met MLD de pijn bij lymfoedeem verminderen. Beide behandelmodaliteiten verbeterden de subjectieve zwelling op de VAS-schaal.

 

Niveau van bewijs

Niveau 2. Het is aannemelijk dat MLD in combinatie met diepe oscillaties van de borst, de pijn bij lymfoedeem vermindert. (A2: Jahr et al., 2008.)

 

Lymfetaping 

Eén RCT (Tsai et al., 2009) vergeleek behandeling met lymfetape en korte rekzwachtels in combinatie met MLD. Beide behandelingen gaven een significante verbetering. Subjectief werd lymfetape beter beoordeeld op draaggemak en comfort, maar er ontstonden wel meer wondjes dan bij rekzwachtels. Dit onderzoek vond echter plaats in een warm en vochtig klimaat; resultaten in een Nederlandse populatie zijn mogelijk anders.

 

Niveau van bewijs

Niveau 2. Er is onvoldoende bewijs om lymftaping bij lymfoedeem te adviseren. (A2: Tsai et al., 2009a.)

    • Adams PW Jr, Lipschits AH, Ansari M, Kenkel JM, Rohrich RJ. Functional donor site morbidity following latissimus dorsi muscle flap transfer. Ann of Plas Surg. 2004;53:6-11.
    • Agrawal A, Ayantunde AA, Cheung KL. Concepts of seroma formation and prevention in breast cancer surgery. ANZ J Surg. 2006;76:1088-95.
    • Ahmed RL, Thomas W, Yee D, Schmitz KH. Randomized controlled trial of weight training and lymphedema in breast cancer survivors. J Clin Oncol. 2006;24:2765-72.
    • Albert US, Koller M, Kopp I, Lorenz W, Schuylz KD, Wagner U. Early self-reported impairments in arm functioning of primary breast cancer patients predict late side effects of axillary lymph node dissection: results from a population-based cohort study. Breast Cancer Res Treat. 2006;100:285-92.
    • Armer JM, Steward BR. A comparison of four diagnostic criteria for lymphedema in a post-breast cancer population. Lymphatic Research Biology. 2005;3:208-17.
    • Badger CMA, Peacock JL, Mortimer PS. A randomized, controlled, parallel-group clinical trial comparing multilayer bandaging followed by hosiery versus hosiery alone in the treatment of patients with lymphedema of the limb cancer. 2000;88:2832-7.
    • Bendz I, Fagevik Olsen M. Evaluation of immediate versus delayed shoulder exercises after breast cancer surgery including lymph node dissection – a randomised controlled trial. The Breast. 2002;11:241-8.
    • Beurskens CHG, Uden CJT van, Strobbe LJA, Oostendorp RAB, Wobbes T. The efficacy of physiotherapy upon shoulder function following axillary dissection in breast cancer, a randomized controlled study. BMC Cancer. 2007;7(166):Epub.
    • Bicego D, Brown K, Ruddick M, Storey D, Wong C, Harris SR. Exercise for women with or at risk for breast cancer-related lymphedema. Phys Ther. 2006;86:1398-405.
    • Billhult A, Stener-Victorin E, Bergbom I. The experience of massage during chemotherapy treatment in breast cancer patients. Clin Nurs Res. 2007;16:85-99.
    • Blanchard CM, Courneya KS, Laing D. Effects of acute exercise on state anxiety in breast cancer survivors. Oncol Nurs Forum. 2001;28:1617-21.
    • Blomqvist L, Stark B, Engler N, Malm M. Evaluation of arm and shoulder mobility and strength after modified radical mastectomy and radiotherapy. Acta Oncol. 2004;43:280-3.
    • Bohannon RW. Hand-held dynamometry: factors influencing reliability and validity. Clin Rehab. 1997;11:263-4.
    • Bohannon RW, Peolsson A, Massy-Westropp N. Review: reference values for adult grip strength measured with a Jamar dynamometer: a descriptive meta-analysis. Physiotherapy. 2006; 92:11-5.
    • Bot SDM, Terwee CB, Windt DAWM van der, Bouter LM, Dekker J, Vet HCW de. Clinimetric evaluation of shoulder disability questionnaires: a systematic review of the literature. Ann Rheum Diseases. 2004;63:335-41.
    • Box RC, Reul-Hirche HM, Bullock-Saxton JE, Furnival CM. Physiotherapy after breast cancer surgery: results of a randomised controlled study to minimise lymphoedema. Breast Cancer Res Treat. 2002;75:51-64.
    • Box RC, Reul-Hirche HM, Bullock-Saxton JE, Furnival CM. Shoulder movement after breast cancer surgery: results of a randomised controlled study of postoperative physiotherapy. Breast Cancer Res Treat. 2002;75:35-50.
    • Brach M, Cieza A, Stucki G, Füßl M, Cole A, Ellerin BE, Fialka-Moser V, Kostanjsek N, Melvin J. ICF Core sets for breast cancer. J Rehabil Med. 2004; Suppl. 44:121-7.
    • Browall M, Ahlberg K, Karlsson P, Danielson E, Persson LO, Gaston-Johansson F. Health-related quality of life during adjuvant treatment for breast cancer among postmenopausal women. Eur J Oncol Nurs. 2008;12:180-9.
    • Burak WE, Hollenbeck ST, Zervos EE, Hock KL, Kemp LC, Donn CNP, Young DC. Sentinel lymph node biopsy results in less postoperative morbidity compared with axillary lymph node dissection form breast cancer. Am J Surg. 2002;183:23-7.
    • Carati CJ, Anderson SN, Gannon BJ, Piller NB. Treatment of postmastectomy lymphedema with low-level laser therapy. Cancer. 2003;98:1114-22.
    • Cheema B, Gaul CA, Lane K, Fiataronne Singh MA. Progressive resistance training in breast cancer: a systematic review of clinical trials. Breast Cancer Res Treat. 2008;109:9-26.
    • Chetty U, Jack W, Prescott RJ, Tyler C, Rodger A. Management of the axilla in operable breast cancer treated by breast conservation: a randomized clinical trial. Brit J Surg. 2000;87:163-9.
    • Cheville AL, Tchou J. Barriers to rehabilitation following surgery for primary breast cancer. J Surg Oncol. 2007;95:409-18.
    • Chlebowski RT, Aiello E, McTiernan A. Weight loss in breast cancer patient management. J Clin Oncol. 2002;20:1128-43.
    • Cinar N, Seckin U, Keskin D, Bodur H, Bozkurt B, Cengiz O. The effectiveness of early rehabilitation in patients with modified radical mastectomy. Cancer Nurs. 2008;31:160-5.
    • Collette S, Collette L, Budiharto T, Horiot JC, Poortmans PM, Struikmans H, et al. Predictors of the risk of fibrosis at 10 years after breast conserving therapy for early breast cancer: a study based on the EORTC Trial 22881-10882 ‘boost versus no boost’. Eur J Cancer. 2008;44:2587-99. Erratum: Eur J Cancer. 2009;45:2061.
    • Courneya KS, Mackey JR, Bell GJ, Jones LW, Field CJ, Fairey AS. Randomized controlled trial of exercise training in postmenopausal breast cancer survivors: cardiopulmonary and quality of life outcomes. J Clin Oncol. 2003;21:1660-8.
    • Courneya KS, McKenzie DC, Mackey JR, Gelmon K, Reid RD, Friedenreich CM, et al. Moderators of the effects of exercise training in breast cancer patients receiving chemotherapy: a randomized controlled trial. Cancer. 2008;112:1845-53.
    • Czerniec SA, Ward LC, Refshauge KM, Beith J, Lee MJ, York S, Kilbreath SL. Assessment of breast cancer-related arm lymphedema-comparison of physical measurement methods and self-report. Cancer Invest. 2010;28:54-62.
    • Damstra RJ, Glazenburg EJ, Hop CJ. Validation of the inverse water volumetry method: a new gold standard for arm volume measurements. Breast Cancer Res Treat. 2006;99:267-73.
    • Damstra RJ, Partch H. Compression therapy in breast cancer-related lymphedema: A randomized, controlled comparative study of relation between volume and interface pressure changes. J Vasc Surg. 2009;49:1256-63.
    • de Bruin GSJT, Aa JHCG van der, Elvers JWH, Oostendorp RAB. Ned Tijdschr Fysiother. 1996;6:167-77.
    • de Haan A, Toor A, Hage JJ, Veeger HEJ, Woerdeman LAE. Function of the pectoralis major muscle after combined skin-sparing mastectomy and immediate reconstruction by subpectoral implantation of a prosthesis. Ann Plast Surg. 2007;59:605-10.
    • Dell DD, Weaver C, Kozempel J, Barsevick A. Recovery after transverse rectus abdominis myocutaneous flap breast reconstruction surgery. Oncol Nurs Forum. 2008;35:189-96.
    • Demark-Wahnefried W, Clipp EC, Morey MC, Pieper CF, Sloane R, Clutter Snyder Dk, et al. Lifestyle intervention development study to improve physical function in older adults with cancer: outcomes from Project LEAD. J Clin Oncol. 2006;24:3465-73.
    • den Oudsten BL, Heck GL van, Steeg AFW van der, Roukema JA, Vries J de. The WHQOL-100 has good psychometric properties in breast cancer patients. J Clin Epidemiol. 2009;62:195-205.
    • de Rezende LF, Franco RL, Rezende MF de, Beletti PO, Morais SS, Gurgel MS. Two exercise schemes in postoperative breast cancer: comparison of effects on shoulder movement and lymphatic disturbance. Tumori. 2006;92:55-61.
    • Devoogdt N, Kampen van M, Geraerts I, Coremans T, Christiaens M-R. Different physical treatment modalities for lymphoedema developing after adillary lymph node dissection for breast cancer: A Review. Eur J Obstet & Gynecol. 2010;149:3-9.
    • Engel J, Kerr J, Schlesinger-Raab A, Sauer H, Hölzel D. Axilla surgery severely affects quality of life: results of a 5-year prospective study in breast cancer patients. Breast Cancer Res Treat. 2003;79:47-57.
    • Erickson VS, Pearson ML, Ganz PA, Adams J, Kahn KL. Arm Edema in Breast Cancer Patients. J Natl Cancer Inst. 2001;93:96-111.
    • Erim Y, Beckmann M, Gerlach G, Kümmel S, Oberhoff C, Senf W, Kimmig R. Screening for distress in women with breast cancer diagnosed for the first tim: employment of HADS-D and PO-Bado. Z Psychosom Med Psychother. 2009;55:248-62.
    • Ernst MF, Voogd AC, Balder W, Klinenbijl JHG, Roukema JA. Early and late morbidity associated with axillary levels I-III dissection in breast cancer. J Surg Oncol. 2002;79:151-5.
    • Ferrandez J-C. Evaluation de l’efficacite de deux types de bandages de decongestion du lymphoedeme secondaire du membre superieur: etude prospective multicentrique. Kinesither La Revue. 2007;5:30-5.
    • Fleissig A, Fallowfield LJ, Langridge CI, Johnson L, Newcombe RG, Dixon JM, et al. Post-operatie arm morbidity and quality of life. Results of the ALMANAC randomised trial comparing sentinel node biospsy with standard axillary treatment in the management of patients with early breast cancer. Breast Cancer Res Treat. 2006;95:279-93.
    • Fontaine C, Parijs H van, Decoster L, Anderieaenssens D, Schallier DC, Vanhoey M, et al. A prospective analysis of the incidence of postoperative lymphedema 1 to 2 years after surgery and axillary dissection in early breast cancer (BC) patients treated with concomitant irradiation and antthracyclines followed by paclitaxel. J Clin Oncol. 2010;28:suppl;e11059.
    • Fu MR, Axelrod D, Haber J. Breast-cancer-related lymphedema: information, symptoms, and risk-reduction behaviors. J Nurs Scholorship. 2008;40:341-8.
    • Fu MR, Rosedale M. Breast cancer survivors experiences of lymphedema-related symptoms. J Pain Symptom Manage. 2009;38:849-59.
    • Gebruers N, Truijen S, Engelborghs S, DeDeyn PP. Volumetric evaluation of upper extremities in 250 healthy persons. Clin Physiol funct Imaging. 2007;27:17-22.
    • Gordon LG, Battistutta D, Scuffham P, Tweeddale M, Newman B. The impact of rehabilitation support services on health-related quality of life for women with breast cancer. Breast Cancer Res Treat. 2005;93:217-26.
    • Gosselink R, Rouffaer L, Vanhelden P, Piot W, Troosters T, Christiaens MR. Recovery of upper limb function after axillary dissection. J surg Oncol. 2003;83:204-11.
    • Gui GPH, Tan SM, Faliakou EC, Choy C, A`Hern R, Ward A. Immediate breast reconstruction using biodimensional anatomical permanent expander implants: a prospective analysis of outcome and patient satisfaction. Plast Reconstr Surg. 2003;111:125-38;disc:139-40.
    • Hamner JB, Fleming MD. Lymphedema therapy reduces the volume of edema and pain in patients with breast cancer. Ann Surg Oncol. 2007;14:1904-8.
    • Harris SR, Hugi MR, Olivotto IA, Levine M. Clinical practice guidelines for the care and treatment of breast cancer: 11. Lymphedema. CMAJ. 2001;164:191-9.
    • Hayes S, Janda M, Cornish B, Battistutta D, Newman B. Lymphedema secondary to breast cancer: how choice of measure influences diagnosis, prevalence, and identifiable risk factors. Lymphology. 2008;41:18-28.
    • Hayes SC, Reul-Hirche H, Turner J. Exercise and secondary lymphedema: safety, potential benefits, and research issues. Med Sci Sports Exerc. 2009;41:483-9.
    • Headley JA, Ownby KK, John LD. The effect of seated exercise on fatigue and quality of life in women with advanced breast cancer. Oncol Nurs Forum. 2004;31:977-83.
    • Helms G, Kühn T, Mosre L, Remmel E, Kreienberg R. Shoulder-arm morbidity in patients with sentinel node biopsy and complete axillary dissection – data from a prospective randomised trial. EJSO. 2009;35:696-701.
    • Hernandez-Reif M, Ironson G, Field T, Hurley J, Katz G, Diego M, et al. Breast cancer patients have improved immune and neuroendocrine functions following massage therapy. J Psychosomatic Research. 2004;57:45-52.
    • Højris I, Andersen J, Overgaard M, Overgaard J. Late treatment-related morbidity in breast cancer patiënt randomized to postmastectomy radiotherapy and systemic treatment versus systemic treatment alone. Acta Oncologica. 2000;39:355-72.
    • Holmes HD, Chen WY, Feskanich D, Kroenke CH, Colditz GA. Physical activity and survival after breast cancer diagnosis. JAMA. 2005;293:2479-86.
    • Hutnick NA, Williams NI, Kraemer WJ, Orsega-Smith E, Dixon RH, Bleznak AD, et al. Exercise and lymphocyte activation following chemotherapy for breast cancer. Med Sci Sports Exerc. 2005;37:1827-35.
    • Hwang JH, Chang HJ, Shim YH, Park WH, Park W, Huh SJ, et al. Effects of supervised exercise therapy in patients receiving radiotherapy for breast cancer. Yonsei Med J. 2008;49:443-50.
    • International Society of Lymphology. The diagnosis and treatment of peripheral lymphedema. 2009 Concensus Document Internat Soc Lymphol. 2009;42:51-60.
    • Jahr S, Schoppe B, Reisshauer A. Effect of treatment with low-intensity and extremely low-frequency electrostatic fields (Deep Oscillation) on breast tissue and pain in patients with secondary breast lymphoedema. J Rehabil Med. 2008;40:645-50.
    • Johansson K, Branje E. Arm lymphoedema in a cohort of breast cancer survivors 10 years after diagnosis. Acta Oncologica. 2010;49:166-73.
    • Johansson K, Holmström H, Nilsson I, Ingvar C, Albertsson M, Ekdahl C. Breast cancer patients` experiences of lymphoedema. Scand J Caring Sci. 2003;17:35-42.
    • Johansson K, Ingvar C, Albertsson M, Ekdahl C. Arm lymphoedema, shoulder mobility and muscle strength after breast cancer treatment - a prospective 2-year study. Adv Physiotherapy. 2001;3:55-66.
    • Johansson K, Tibe K, Weibull A, Newton RC. Low intensity resistance exercise for breast cancer patients with arm lymphedema with or without compression sleeve. Lymphology. 2005;38:167-80.
    • Johnsson A, Fornander T, Olsson M, Nysted M, Johansson H, Rutqvist LE. Factors associated with return to work after breast cancet treatment. Acta Oncologica. 2007;46:90-6.
    • Jones LW, Courneya KS, Fairey AS, Mackey JR. Effects of an oncologist`s recommendation to exercise on self-reported exercise behavior in newly diagnosed breast cancer survivors: a single-blond, randomized controlled trial. Ann Behav Med. 2004;28:105-13.
    • Jones LW, Haykowsky M, Pituskin EN, Jendzjowsky NG, Tomczak CR, Haennel RG, et al. Cardiovascular reserve and risk profile of postmenopausal women after chemoendocrine therapy for hormone receptor-positive operable breast cancer. Oncologist. 2007;12:1156-64.
    • Jong N de, Candel MJJM, Schouten HC, Huijer Abu-Saad H, Courtens AM. Prevalence and course of fatigue in breast cancer patients receiving adjuvant chemotherapy. Ann Oncol. 2004;15:896-905.
    • Josenhans E. Physiotherapeutic treatment for axillary cord formation following breast cancer surgery. ZVK science price. 2007.
    • Jung BF, Ahrendt GM, Oaklander AL, Dworkin RH. Neuropathic pain following breast cancer surgery: proposed classification and research update. Pain. 2003;104:1-13.
    • Karges JR, Mark BE, Stikeleather SJ, Worrell TW. Concurrent validity of upper-extremity volume estimates: comparison of calculated volume derived from girth measurements and water displacement volume. Phys Ther. 2003;83:134-45.
    • Kärki A, Anttila H, Tasmuth T, Rautakorpi UM. Lymphoedema therapy in breast cancer patients - a systematic review on effectiveness and a survey of current practices and costs in Finland. Acta Oncologica. 2009;48:850-9.
    • Karki A, Simonen R, Malkia E, Selfe J. Efficacy of physical therapy methods and exercise after a breast cancer option: a systematic review. Crit Rev Phys Rehab Med. 2001;13:159-90.
    • Kellen E, Vansant G, Christiaens MR, Nev en P, Limbergen E van. Lifestyle changes and breast cancer prognosis: a review. Breast Cancer Res Treat. 2009;114:13-22.
    • Kelly AM. Does the clinically significant difference in visual analog scale pain scores vary with gender, age or cause of pain. Acad Emerg Med. 1998;5:1086-90.
    • Kelly AM. The minimum clinically significant difference in visual analogue scale pain score does not differ with severity of pain. Acad Emerg Med. 2001;18:205-7.
    • Kligman L, Wong RKS, Johnston M, Laetsch NS. The treatment of lymphedema related to breast cancer: a systematic review and evidenc summery. Support Care Cancer. 2004;12:421-31.
    • Knobf TM, Insogna K, DePietro L, Fennie K, Siobhan Thompson A. An aerobic weight-loaded pilot exercise intervention for breast cancer survivors: bone remodeling and body composition outcomes. Biol Research Nurs. 2008;10:34-43.
    • Köke AJA, Heuts PHTG, Vlaeyen JWS, Weber WEJ. Meetinstrumenten chronische pijn. Deel 1 functionele status. Pijn Kennis Centrum. Maastricht; 1999.
    • Kootstra J, Hoekstra-Weebers JE, Rietman H, de Vries J, Baas P, Geertzen JH, et al. Quality of life after sentinel lymph node biopsy or axillary lymph node dissection in stage I/II breast cancer patients: a prospective longitudinal study. Ann Surg Oncol. 2008;15:2533-41.
    • Koul R, Dufan T, Russell C, Guenther W, Nugent Z, Sun X, et al. Efficacy of complete decongestive therapy and manual lymphatic drainage on treatment-related lymphedema in breast cancer. Int J Radiaton Oncology Biol Phys. 2007;67:841-6.
    • Lane KN, Dolan LB, Worsley D, McKewzie DC. Upper extremity lymphatic function at rest and during exercise in breast cancer survivors with and without lymphedema compared with healthy controls. J Appl Physiol. 2007;103:917-25.
    • Langer I, Guller U, Berclaz G, Koechli OR, Schaer G, Fehr MK, et al. Morbidity of sentinel lymph node biopsy (SLN) alone versus SLN and completion axillary lymph node dissection after breast cancer surgery. Ann of Surg. 2007;245:452-61.
    • Lauridsen MC, Christiansen P, Hessov I. The effect of physiotherapy on shoulder function in patients surgically treated for breast cancer: a randomized study. Acta Oncol. 2005;44:449-57.
    • Lauridsen MC, Overgaard M, Overgaard J, Hessov IB, Cristiansen P. Shoulder disability and late symptoms following surgery for eauly breast cancer. Acta Oncol. 2008;47:569-75.
    • Lee SA, Kang JY, Kim YD, An AR, Kim SW, Kim YS, et al. Effects of a scapula-oriented shooulder exercise programme on upper limb dysfunction in breast cancer survivors: a randomized controlled pilot trial. Clin rehabil. 2010;7:600-13.
    • Lee TS, Kilbreath SL, Refshauge KM, Herbert RD, Beith JM. Prognosis of the upper limb following surgery and radiation for breast cancer. Breast Cancer Res Treat. 2008;110:19-37.
    • Lee TS, Kilbreath SL, Sillivan G, Refshauge KM, Beith JM, Harris LM. Factors That Affect Intention to Avoid Strenuous Arm Activity After Breast Cancer Surgery. Oncol Nursing Forum. 2009;4;454-62.
    • Leidenius M, Leppänen E, Krogerus L, von Smitten K. Motion restriction and axillary web syndrome after sentinel node biopsy and axillary clearance in breast cancer. Am J of Surg. 2003;185:127-30.
    • Loprinzi CL, Wolf SL, Barton DL, Laack NN. Symptom management in premenopausal patients with breast cancer. Lancet Oncol. 2008;9:993-1001.
    • Lumachi F, Brandes AA, Burelli P, Basso SM, Iacobone M, Ermani M. Seroma prevention following axillary dissection in patients with breast cancer by using ultrasound scissors: a prospective clinical study. Eur J Surg Oncol. 2004;30:526-30.
    • Mansel RE, Fallowfiels L, Kissin M, Goyal A, Newcombe RG, Dixon JM, et al. Randomized multicenter trial of sentinel node biopsy versus snadard axillary treatment in operable breast cancer: The ALMANAC Trial. J Natl Cancer Inst. 2006;98:599-609.
    • Markes M, Brockow T, Resch KL. Exercise for women receiving adjuvant therapy for breast cancer. Cochrane Database Syst Rev. 2006;Issue 4.
    • McKenzie DC, Kalda AL. Effect of upper extremity exercise on secondary lymphedema in breast cancer patients: a pilot study. J Clin Oncol. 2003;3:463-6.
    • McLaughlinSA, Wright MJ, Morris KT, Giron GL, Sampson MR, Brockway JP, et al. Prevalence of lymphedema in women with breast cancer 5 years after sentinel lymph node biopsy or axillary dissection: objective measurements. J Clin Oncol. 2008;26:5213-19.
    • McNeely ML, Cambell K, Courneya K, Dabbs K, Klassen TP, Mackey J. Exercise Interventions for upper limb dysfunction due to breast cancer surgery. The Cochrane Library. 2010;Issue 6.
    • Meijer RS, Rietman JS, Geertzen JHB, Bosmans JC, Dijkstra PU. Validity and intra- and interobserver reliability of an indirect volume measuremts in patients with upper extremity lymphedema. Lymphology. 2004;37:127-33.
    • Molassiotis A, Yung HP, Yam BMC, Chan FYS, Mok TSK. The effectiveness of progressive muscle relaxation training in managing chemotherapy-induced nausea and vomiting in Chinese breast cancer patients: a randomised controlled trial. Support Care Cancer. 2002;10:237-46.
    • Mondry TE, Riffenburgh RH, Johnstone PAS. Prospective trial of complete decongestive therapy for upper extremit lymphedema after breast cancer therapy. Cancer Journal. 2004;10:42-8.
    • Montazeri A. Health-related quality of life in breast cancer patients: a bibliographic review of the literature from 1974 to 2007. J Exp Clin Cancer Res. 2008;29:27-32.
    • Moseley AL, Carati CJ, Piller NB. A systematic review of common conservative therapies for arm lymphoedema secondary to breast cancer treatment. Ann of Oncol. 2007;18:639-46.
    • Moskovitz AH, Anderson BO, Yeung R, Byrd DR, Lawton TJ, Moe RE. Axillary web syndrome after axillary dissection. Am J of Surg. 2001;181:434-9.
    • Nedstrand E, Wijma K, Wyon Y, Hammar M. Vasomotor symptoms decrease in women with breast cancer randomized to treatment with applied relaxation or electro-acupuncture: a preliminary study. Climacteric. 2005;8:243-50.
    • Nesvold IL, Dahl AA, Løkkevik E, Marit Mengshoel A, Fosså SD. Arm and shoulder morbidity in breast cancer patients after breast-conserving therapy versus mastectomy. Acta Oncol. 2008;47:835-42.
    • Nesvold IL, Fosså SD, Holm I, Naume B, Dahl AA. Arm/shoulder problems in breast cancer survivors are associated with reduced health and poorer physical quality of life. Acta Oncol. 2010;49:347-53.
    • Nesvold IL, Fosså SD, Naume B, Dahl AA. Kwan`s arm problem scale: psychometric examination in a sample of stage II breast cancer survivors. Breast Cancer Res Treat. 2009;17:281-8.
    • Norman SA, Localio AR, Patshnik SL, Simoes Torpey HA, Kallan MJ, Weber AL, et al. Lymphedema in breast cancer survivors: incidence, degree, time course, treatment, and symptoms. J Clin Oncol. 2009; 27:390-7.
    • Nystedt M, Berglund G, Bolund C, Fornander T, Rutqvist LE. Side effects of adjuvant endocrine treatment in premenopausal breast cancer patients: a prospective randomized study. J Clin Oncol. 2003;21:1836-44.
    • Oldervol LM, Loge JH, Paltiel H, May B, Vidvei U, Wiken AN, et al. The effect of a physical exercise program in palliative care: a phase II study. J Pain Symptom Manage. 2006;31:421-30.
    • Ostelo RWJG, Vet HCW de. Clinically important in low back pain. Clin Rheum. 2005;19: 593-607
    • Pain SJ, Purushotham AD. Lymphoedema following surgery for breast cancer. BJS. 2000;87:1128-41.
    • Paskett ED, Naughton M, McCoy TP, Case LD, Abbott JM. The epidemiology of arm and hand swellling in premenopausal breast cancer survivors. Cancer Epidemiol Biomarkers Prev. 2007;16:775-82.
    • Petrek JA, Senie RT, Peters M, Rosen PP. Lymphedema in a cohort of breast carcinoma survivors 20 years after diagnosis. Cancer. 2001;92:1368-77.
    • Peuckmann V, Ekholm O, Sjøgren P, Rasmussen NK, Christiansen P, Møller S, et al. Health care utilisation and characteristics of long-term breast cancer survivors: nationwide survey in Denmark. Eur J Cancer. 2009;45:625-33.
    • Pickett M, Mock V, Ropka ME, Cameron L, Coleman M, Podewils L. Adherence to moderate-intensity exercise during breast cancer therapy. Cancer Pract. 2002;10:284-92.
    • Pocock SJ. Clinical trials: a practical approach. Chichester: Wiley; 1983.
    • Poage E, Singer M, Armer J, Poudall M, Shellabarger MJ. Demystifying Lymphedema: Development of the lymphdedema putting evidence into practice card. Clin J Oncol Nurs. 2008;12:951-64.
    • Preston NJ, Seers K, Mortimer PS. Physical therapies for reducing and controlling lymphoedema of the limbs. The Cochrane Library. 2009:Issue 4.
    • Ridner SH, Dietrich MS, Deng J, Bonner CM, Kidd N. Bioelectrical impedance for detecting upper limb lymphedema in nonlaboratory settings. Lymphat Res Biol. 2009;7:11-5.
    • Ridner SH. Quality of life and a symptom cluster associated with breast cancer treatment-related lymphedema. Support Care Cancer. 2005;13:904-11.
    • Rietman JS, Dijkstra PU, Geertzen JHB, Baas P, de Vries J, Dolsma WV, et al. Treatment-related upper limb morbidity 1 year after sentinel lymph node biopsy or axillary lymph node dissection for stage I or II breast cancer. Ann of Surg Oncol. 2004;11:1018-24.
    • Rietman JS, Dijkstra PU, Hoekstra HJ, Eisma WH, Szabo BG, Groothoff JW. Late morbidity after treatment of breast cancer in relation to daily activities and quality of life: a systematic review. EJSO. 2003;29:229-38.
    • Rietman JS, Geertzen JHB, Hoekstra HJ, Baas P, Dolsma WV, de Vries J, et al. Long term treatment related upper limb morbidity and quality of life after sentinel lymph node biopsy for stage I or II breast cancer. EJSO. 2006;32:148-52.
    • Robb K, Oxberry SG, Bennett MI, Johnson MI, Simpson KH, Searle RD. A Cochrane systematic review of transcutaneous electrical nerve stimulation for cancer pain. J Pain Symptom Manage. 2009;37:746-53.
    • Rogers LQ, Hopkins-Price P, Vicari S, Pamenter R, Courneya KS, Markwell S, et al. A randomized trial to increase physical activity in breast cancer survivors. Med Sci Sports Exerc. 2009;41:935-46.
    • Rönkä RH, Pamilo MS, von Smitten KAJ, Leidenius MHK. Breast lymphedema after breast conserving treatment. Acta Oncologica. 2004;43:551-7.
    • Rowland JH, Desmond KA, Meyerowitz BE, Belin TR, Wyatt GE, Ganz PA. Role of breast reconstructive surgery in physical and emotional outcomes among breast cancer survivors. J Natl Cancer Inst. 2000;92:1422-9. Erratum: J Nat Cancer Inst. 2001;93:68.
    • Roy JS, MacDermind JC, Woodhouse LJ. Measuring Shoulder Function: A systematic Review of Four Questionnaires. Arthritis Rheumatism. 2009; 61:623-32.
    • Roy MAG, Doherty TJ. Reliability of hand-held dynamometry in assessment of knee extensor strength after hip fracture. Am J Phys Med Rehab. 2004;83:813-8.
    • Ryf C, Weymann A. Range of Motion - AO Neutral-0-Method; measurement and documentation. Stutgart: Thieme; 1999.
    • Sagen Å, Kåresen R, Sandvik L, Risberg MA. Changes in arm morbidities and health-related quality of life after breast cancer surgery – a five-year follow-up study. Acta Oncol. 2009;48:1111-8.
    • Sagen Å, Kåresen R, Sandvik L, Risberg MA. Physical activity for the affected limb and arm lymphedema after breast cancer surgery. A prospective, randomized controlled trial with two years follow-up. Acta Oncol. 2009;48:1102-10.
    • Sander AP, Hajer NM, Hemenway K, Miller AC. Upper-extremity volume measurements in women with lymphedema: a comparison of measurements obtained via water displacement with geometrically determined volume. Phys Ther. 2002;82:1201-12.
    • Schmitz KH, Ahmed RL, Troxel A, Cheville A, Smith R, Lewis-Grant L, et al. Weight lifting in women with breast-cancer-related lymphedema. N Engl J Med. 2009;361:664-73.
    • Schwartz AL, Winters-Stone K, Gallucci B. Exercise effects on bone mineral density in women with breast cancer receiving adjuvant chemotherapy. Oncol Nurs Forum. 2007;34:627-33.
    • Shamley DR, Barker K, Simonite V, Beardshaw A. Delayed versus immediate exercises following surgery for breast cancer: a systematic review. Breast Cancer Res Treat. 2005;90:263-71.
    • Smits-Engelsman BCM, Bekkering GE, Hendriks HJMKNGF- richtlijn osteoporose. Supplement Ned Tijdschr Fysiother. 2001;111(3).
    • Soran A, Dángelo G, Begovic M, Ardic F, Harlak A, Wieand HS, et al. Breast cancer-related lymphedema - what are the significant predictors and how they affect the severity of lymphedema? The Breast J. 2006;12:536-43.
    • Springer BA, Levy E, McGarvey C, Pfalzer LA, Stout NL, Gerber LH, et al. Pre-operative assessment enables early diagnosis and recovery of shoulder function in patients with breast cancer. Breast Cancer Res Treat. 2010;120:135-47.
    • Stemmer R. Stemmer’s sign-possibilities and limits of clinical diagnosis of lymphedema. Wiener Mediz Wochenschrift. 1999;149:85-6.
    • Stout Gergich NL, Pfalzer LA, McGarvey C, Springer B, Gerber LH, Soballe P. Preoperative assessment enables the early diagnosis and successful treatment of lymphedema. Cancer. 2008;112:2809-19.
    • Stuiver MM, Wittink HM, Velthuis MJ, Kool N, Jongert WAM. KNGF-standaard Beweeginterventie oncologie. Amersfoort: Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie; 2011.
    • Sturgeon M, Wetta-Hall R, Hart T, Good M, Dakhil S. Effects of therapeutic massage on the quality of life among patients with breast cancer during treatment. J Altern Complement Med. 2009;15:373-80.
    • Swenson KK, Nissen MJ, Leach JW, Post-White J. Case control study to evaluate predictors of lymphedema after breast cancer surgery. Oncol Nurs Forum. 2009;36;185-93.
    • Szuba A, Achalu R, Rockson SG. Decongestive lymphatic therapy for patients with breast carcinoma-associated lymphedema. A randomized, prospective study of a role for adjunctive intermittent pneumatic compression. Cancer. 2002;95:2260-7.
    • Thomas-MacLean R, Miedema B, Tatemichi SR. Breast cancer-related Lymphedema – Women`s experiences with an underestimated condition. Can Fam Physician. 2005;51:246-7.
    • Tidhar D, Katz-Leurer M. Aqua lymphatic therapy in women who suffer from breast cancer treatment-related lymphedema: a randomized controlled study. Support Care Cancer. 2010;18:383-92.
    • Todd J, Scally A, Dodwell D, Horgan K, Topping A. A randomised controlled trial of two programmes of shoulder exercise following axillary node dissection for invasive breast cancer. Physiotherapy. 2008;94:265-73.
    • Todd KH, Funk KG, Funk JP, Bonacci R. Clinical significance of reported changes in pain severity. Annals Emergency Medicine. 1996;27:485-9.
    • Torres Lacomba M, Mayoral del Moral O, Coperias Zazo JL, Yuste Sánchez MJ, Ferrandez J-C, Zapico Goñi Á. Axillary web syndrome after axillary dissection in breast cancer: a prospective study. Breast Cancer Res Treat. 2009;117:625-30.
    • Torres Lacomba M, Yuste Sánchez MJ, Goñi AV, Merino DP, Mayoral del Moral O, Téllez EC, et al. Effectiveness of early physiotherapy to prevent lymphoedema after surgery for breast cancer: randomised, single blinded, clinical trial. BMJ. 2010;340:b5396.
    • Tsai HJ, Hung HC, Yang JL, Huang CS, Tsauo JY. Could Kinesio tape replace the bandage in decongestive lymphatic therapy for breast-cancer-related lymphedema? A pilot study. Support Care Cancer. 2009;17:1353-60.
    • Tsai RJ, Dennis LK, Lynch CF, Snetselaar LG, Zamba GKD, Scott-Conner C. The risk of developing arm lymphedema among breast cancer survivors: a meta-analysis of treatment factors. Ann surg Oncol. 2009;16:1959-72.
    • van der Wees PJ, Hendriks HJM, Heldoorn M, Custers JWH, Bie RA de. Methode voor ontwikkeling, implementatie en bijstelling van KNGF-richtlijnen. Amersfoort/Maastricht: KNGF/CEBP; 2007.
    • Veiga DF, Sabino Neto M, Ferreira LM, Garcia EB, Veiga Filho J, Novo NF, et al. Quality of life outcomes after pedicled TRAM flap delayed breast reconstruction. Br J Plast Surg. 2004;57:252-7.
    • Velthuis MJ, Agasi-Idenburg SC, Aufdemkampe G, Wittink HM. The effect of physical exercise on cancer-related fatigue during cancer treatment: a meta-analysis of randomised controlled trials. J Clin Oncol. 2010;22:208-21.
    • Verhagen AP, Vet HCW de, Bie RA de. The Delphi List: a criteria list for quality assessment of randomized clinical trials for conducting systematic reviews developed by Delphi consensus. J Clin Epidemiol. 1998;51:1235-41.
    • Ververs JM, Roumen RM, Vingerhoets AJ, Vreugdenhil G, Coebergh JW, Crommelin MA, et al. Risk, severity and predictors of physical and psychological morbidity after axillary lymph node dissection for breast cancer. Eur J Cancer. 2001;37:991-9.
    • Viehoff PB, Genderen FR van, Wittink H. Upper limb lymphedema 27 (ULL27): Dutch translation and validation of an illness-specific health-related quality of life questionnaire for patients with upper limb lymphedema. Lymphology. 2008;41:131-8.
    • Vignes S, Porcher R, Arrault M, Dupuy A. Long-term management of breast cancer-related lymphedema after intensive decongestive physiotherapy. Breast Cancer Res Treat. 2007;101:285-90.
    • Vilholm OJ, Sold S, Rasmussen L, Sindrup SH. The postmastectomy pain syndrome: an epidemiological study on the prevalence of chronic pain after surgery for breast cancer. Br J Cancer. 2008;99:604-10.
    • Visser J, Mans E, Visser M de, Berg-Vos RM van den, Franssen H, Jong JMBV de et al. Comparison of maximal voluntary isometric contraqction and hand-held dynamometry in measuring muscle strenght of patients with progressive lower motor neuron syndrome. Neuromusc Disorders. 2003;13:744-50.
    • Wang C-Y, Olson SL, Protas EJ. Test-retest strength reliability: Hand-held dynamometry in community-dwelling elderly fallers. Arch Phys Med Rehab. 2002;83:811-5.
    • Ward LC, Czerniec S, Kilbreath SL. Operational equivalence of bioimpedance indices and perometry for the assesment of unilateral arm lymphedema. Lymphatic Research Biology. 2009;7:81-5.
    • Ward LC, Czerniec S, Kilbreath SL. Quantitative bioimpedance spectroscopy for the assessment of lymphoedema. Breast Cancer Res Treat. 2009;117:541-7.
    • Watters JM, Yau JC, O`Rourke K, Tomiak E, Gertler SZ. Functional status is well maintained in older women during adjuvant chemotherapy for breast cancer. Ann Oncol. 2003;14:1744-50.
    • Weis J, Domann U. Interventionen in der rehabilitation von mammakarzinompatientinnen - eine methodenkritische ubersicht zum forschungsstand. Die Rehabilitation. 2006;45:129-45.
    • Whelan TJ, Levine M, Julian J, Kirkbride P, Skingley P. The effects of radiation therapy on quality of life of women with breast carcinoma. Cancer. 2000;88:2260-6.
    • Wilke LG, McCall LM, Posther KE, Whitworth PW, Reintgen DS, Leitch AM, et al. Surgical complications associated with sentinel lymph node biopsy: results from a prospective internationa cooperative group trial. Ann Surg Oncol. 2006;13:491-500.
    • Williams AF, Franks PJ, Moffat CJ. Lymphoedema: estimating the size of the problem. Palliat Med. 2005;19:300-13.
    • Yoo HJ, Ahn SH, Kim SB, Kim WK, Han OS. Efficacy of progressive muscle relaxation training and guided imagery in reducing chemotherapy side effects in patients with breast cancer and in improving their quality of life. Supportive Care Cancer. 2005;13:826-33.
    • York SL, Ward LC, Czerniec S, Lee MJ, Refshauge KM, Kilbreath SL. Single frequency versus bioimpedance spectroscopy for the assessment of lymphedema. Breast Cancer Res Treat. 2009;117:177-82.