Wetenschapsrapporter – Als verwachting en evidentie botsen
Iedere fysio- en manueel therapeut kent ze: de patiënt met een heel duidelijke verwachting. Een scan om te zien wat er ‘kapot’ is, iets wat ‘rechtgezet’ moet worden, of een paar keer masseren en klaar. Dat verwachtingen de uitkomst kleuren, kwam al eerder aan bod: bij chronische nekpijn bleef het pijneffect van de behandeling uit wanneer de therapeut een negatieve verwachting uitsprak (Malfliet et al., 2019). Verwachting strookt niet met evidentie.

Maar wat als de verwachting zelf niet strookt met de evidentie? Daarover schreven dertien auteurs een professional practice paper, dat is een richtinggevende synthese gericht op de praktijk. Het stuk is geschreven onder leiding van onze eigen NVMT-collega Nathan Hutting, samen met bekende namen uit het MT veld zoals Joel Bialosky, Chad Cook, Giacomo Rossettini, en patiëntvertegenwoordiger Joletta Belton (Hutting et al., 2026).
Omgeving speelt in belangrijke mate mee
Eerst de waarom. Verwachtingen zijn volgens de auteurs zowel een prognostische factor als een actief ingrediënt van het behandeleffect. Ze worden gevormd door eerdere zorgervaringen, de omgeving, online informatie en het consult zelf. Die online informatie houdt ons een ongemakkelijke spiegel voor, want het gaat niet alleen om Google of AI-chatbots. Van de Nederlandse praktijkwebsites met informatie over rug- of nekpijn bleek het merendeel biomedisch georiënteerd, met veelvuldig angstinducerend taalgebruik (van der Noord et al., 2025). Het niet-specifieke deel van onze behandelingen kan groot zijn, tussen de 81% en 88% bij manuele handelingen, en 46% bij oefentherapie (Ezzatvar et al., 2024). De boodschap is helder: wat er rondom de techniek gebeurt, doet ertoe.
Niet te snel meegaan in passieve zorg of onnodige beeldvorming
Het knelpunt is dat verwachtingen lang niet altijd aansluiten bij de evidentie. Patiënten verwachten bijvoorbeeld zekerheid via beeldvorming, zien structurele afwijkingen als dé oorzaak van hun pijn of denken dat passieve behandeling nodig is, terwijl richtlijnen inzetten op geruststelling, uitleg, activiteit en zelfmanagement. Meegaan in passieve zorg, onnodige beeldvorming of een biomedische uitleg levert mogelijk tevredenheid op korte termijn op, maar kan afhankelijkheid, uitstel van effectieve zorg en laagwaardige zorg (low-value care) in de hand werken. Een verwachting wegzetten, zonder haar te verkennen, kan de therapeutische relatie beschadigen. Een echt ethisch spanningsveld dus, en geen simpel communicatieprobleem. Daarbij helpt het onderscheid te maken tussen verwachting en behoefte: dezelfde patiënt kan een scan verwachten, hands-on prefereren, snelle pijnverlichting wensen en behoefte hebben aan de geruststelling dat bewegen veilig is. Achter een slecht onderbouwd verzoek kan dus een legitieme behoefte schuilgaan.
Praktisch raamwerk van vier fasen
De auteurs stellen een praktische raamwerk voor met vier fasen; het Contextually Informed Expectation Alignment-raamwerk als extentie van Shared Decision Making. Eerst worden verwachtingen expliciet uitgevraagd. Daarna worden ze geclassificeerd als concordant (realistisch en in lijn met de evidentie: bekrachtigen), onrealistisch maar onschadelijk (zoals volledige pijnvrijheid verwachten: erkennen en monitoren) of conflicterend (leidt mogelijk tot laagwaardige zorg of berust op een misvatting: actief bijstellen). Bij een conflict volgt een
gezamenlijke afweging (shared deliberation): het gaat om begrip opdoen van waar de verwachting vandaan komt, met toestemming uitleg geven, behoeften en waarden verhelderen, alternatieven verkennen, een helder advies geven en samen een plan maken. Het is dus bewust niet simpelweg ‘samen beslissen’: dat past vooral bij keuzes tussen meerdere redelijke opties. Bij een ineffectief of schadelijk verzoek blijft de therapeut verantwoordelijk voor een duidelijk advies. Tot slot wordt de context bewust geoptimaliseerd: therapeutische relatie, geen nocebo taalgebruik, uitleg over specifieke én niet-specifieke werking, vroege zichtbare vooruitgang en monitoren op gezamenlijke doelen.
Verwachting versus evidentie
Voor manueel therapeuten is vooral de matrix interessant die de verwachting van de patiënt afzet tegen de evidentie. Hoge verwachting, weinig evidentie? Bij een laag risico kan de interventie onderdeel zijn van het plan, náást evidence-based interventies; bij een hoog risico bespreek je je zorgen. Andersom geldt: wie weinig verwacht van een effectieve aanpak, onderschat mogelijk de baten.
Niet in beton gegoten
Dit is een expertopinie met een brede literatuurbasis, maar geen getest instrument. De haalbaarheid, aanvaardbaarheid en het effect moeten nog worden onderzocht, zoals de auteurs zelf ook aangeven. Daarnaast hebben we ook te maken met systeemuitdagingen, zoals de toename van consulttijd, wat niet meegenomen wordt in het huidige zorgsysteem.
Vertaling naar de klinische praktijk
Wat kun je hieruit meenemen naar de dagelijkse praktijk morgen? Dat verwachtingen geen ruis zijn om weg te poetsen, maar informatie geven over de prognose, behoeften en wat iemand weer wil kunnen. Het raamwerk zet hands-on duidelijk niet bij het oud papier, maar vraagt wel om een bewuste en transparante keuze: waarom deze techniek, hoe leg ik de werking uit (duurzaam en in lijn met huidige pijn/manuele therapie kennis, zoals besproken in de Kennislabs bijvoorbeeld), en bouwt het regie op of juist afhankelijkheid?
Conclusie
Ook manueel therapeuten stappen de behandelkamer binnen met verwachtingen over de ‘juiste’ behandeling. Afstemmen is dus wederzijds: niet blind volgen, niet negeren, maar afstemmen.
Bronnen:
Hutting, N., Mourad, F., Skamagki, G., Belton, J., Bialosky, J., Chaves, T. C., Cook, C. E., Keter, D., McDevitt, A. W., Miciak, M., van Wijchen, J., Low, M., & Rossettini, G. (2026). Navigating expectation–evidence tensions in musculoskeletal physiotherapy. Musculoskeletal Science and Practice, 86, 103659. https://doi.org/10.1016/j.msksp.2026.103659
Van der Noord, R., Reezigt, R. R., Paap, D., Schiphorst Preuper, H. R., & Reneman, M. F. (2025). Unhelpful information about low back and neck pain on physiotherapist’s websites. European Journal of Pain, 29(2), e4782. https://doi.org/10.1002/ejp.4782
Malfliet, A., Lluch Girbés, E., Pecos-Martin, D., Gallego-Izquierdo, T., & Valera-Calero, A. (2019). The influence of treatment expectations on clinical outcomes and cortisol levels in patients with chronic neck pain: An experimental study. Pain Practice, 19(4), 370–381. https://doi.org/10.1111/papr.12749
Ezzatvar, Y., Dueñas, L., Balasch-Bernat, M., Lluch-Girbés, E., & Rossettini, G. (2024). Which portion of physiotherapy treatments’ effect is not attributable to the specific effects in people with musculoskeletal pain? A meta-analysis of randomized placebo-controlled trials. Journal of Orthopaedic & Sports Physical Therapy, 54(6), 391–399. https://doi.org/10.2519/jospt.2024.12126
Het laatste nieuws
Echt iets bijdragen is betekenisvoller dan roepen vanaf de zijlijn