Wat kan de Geschilleninstantie Zorgcontractering voor u doen?

Mogelijke bezwaren die u heeft tegen contracten van zorgverzekeraars

Procedure

Mogelijke bezwaren die u heeft tegen contracten van zorgverzekeraars kunt u kenbaar maken bij de NZa. Informatie over deze procedure kunt vindt u hier. Wanneer er vanuit de zorgverzekeraar geen oplossing wordt geboden voor uw bezwaar, kunt u bij de Geschilleninstantie Zorgcontractering melding maken van een geschil. Hieronder de feiten op een rij:

Wie kunnen een geschil voorleggen aan de Geschilleninstantie?

Individuele zorgaanbieders, zorgverzekeraars en branche- en beroepsorganisaties. Ook zijn branche- en beroepsorganisaties bevoegd om namens één of meer van hun leden een geschil aan de Geschilleninstantie voor te leggen.

Welke geschillen?
De Geschilleninstantie kan geschillen over zorg als bedoeld in de Zorgverzekeringswet of aanvullende verzekeringen oplossen of beslechten. Met ingang van 1 april 2017 kunnen ook geschillen als bedoeld in de Wet Langdurige Zorg aan de Geschilleninstantie worden voorgelegd.

 

Procedure

De Geschilleninstantie Zorgcontractering voorziet in verschillende routes voor geschillenoplossing, te weten:

  • mediation: je probeert er samen uit te komen
  • bindend advies : de Geschilleninstantie geeft advies (relatief lage kosten)
  • arbitrage (duurdere variant)

Deze routes zijn facultatief, wat betekent dat ook de gang naar de gewone rechter mogelijk blijft. De uitvoering van de geschiloplossing en – beslechting is ondergebracht bij het Nederlands Arbitrage Instituut (NAI). De eisende partij, dus degene die het geschil aanhangig maakt bij de Geschilleninstantie, is degene die de keuze voor één van de vier routes maakt. Belangrijk is dus om te bepalen of het geschil zich meer leent voor mediation, bindend advies, arbitrage of de rechtbank.  Uitgangspunt is dat geschillen zo veel mogelijk eerst worden voorgelegd aan een mediator van de Geschilleninstantie. Leidt dat niet tot een oplossing of ligt mediation gewoonweg niet voor de hand in een bepaalde situatie, dan kan het geschil voor bindend advies of arbitrage worden voorgelegd aan een bindend adviseur. Nadat de eisende partij besloten heeft welke procedure de voorkeur heeft, wordt een overeenkomst tussen partijen gesloten. Deze overeenkomst dient door beide partijen te worden ondertekend.

Kosten

De kosten van de procedure worden in rekening gebracht bij de in het ongelijk gestelde partij of – in geval van mediation, schikking of tussentijds staken van de procedure – gelijk over partijen verdeeld.

Voor kleine zorgaanbieders geldt een aparte afspraak over de maximering van de kosten voor het geschil, omdat de kosten anders voor hen een grote drempel vormen om de geschilbeslechting voor te leggen aan de Geschilleninstantie. Die regeling is uitgewerkt in het addendum Addendum ZN tegemoetkomingsregeling in de meerkosten “kleine zorgaanbieders” eerste lijn. Hier onder treft u het overzicht van kosten:

Mediation:

  • Tot € 1.000: geen tegemoetkoming (de kosten zijn voor de zorgaanbieder).
  • Vanaf € 1.000 tot € 5.000: tegemoetkoming gelijk aan de werkelijke kosten (verzekeraars
    dragen de kosten).
  • Vanaf € 5.000: tegemoetkoming bedraagt 50% van de kosten (verzekeraars dragen 50% bij). Hierbij geldt een maximum bijdrage van zorgverzekeraars van € 5.000.

Bindend advies:

  • Tot € 3.500: geen tegemoetkoming (de kosten zijn voor de zorgaanbieder).
  • Vanaf € 3.500: tegemoetkoming gelijk aan de werkelijke kosten (verzekeraars dragen de kosten). 

Arbitrage:

  • Tot € 3.500: geen tegemoetkoming (de kosten zijn voor de zorgaanbieder). 
  • Vanaf € 3.500 tot € 10.000: tegemoetkoming gelijk aan de werkelijke kosten (verzekeraars dragen de kosten). 
  • Vanaf € 10.000 tot € 20.000: tegemoetkoming verzekeraars bedraagt 50% van de meerkosten te rekenen vanaf € 10.000.
  • Vanaf € 20.000 tot € 30.000: tegemoetkoming verzekeraars bedraagt 60% van de meerkosten te rekenen vanaf € 20.000.
  • Etc. (Bij arbitrage liggen de kosten dus flink hoger). 

Termijnen
De doorlooptijd van een procedure bij de Geschilleninstantie zijn – vanwege de pas korte termijn dat de Geschilleninstantie bestaat – nog niet precies bekend. Een uitspraak binnen een termijn van drie tot vier maanden lijkt echter wel mogelijk; dat is dus veel korter dan bij de rechtbank.