‘Laat zien waar je trots op bent’

Het Kwaliteitsregister Fysiotherapie NL (KRF NL) is het nieuwe landelijke kwaliteitsregister voor alle fysiotherapeuten in Nederland. Het College KRF NL is het beleidsbepalende orgaan van KRF NL en verantwoordelijk voor het in stand houden van het Kwaliteitsregister Fysiotherapie NL. Door bijvoorbeeld het beheer van het Beleidsdocument KRF NL. Het college wordt ondersteund door commissies. Voorzitter van het college: Odile Frauenfelder.

Odile Frauenfelder

Odile Frauenfelder (55) heeft ruime ervaring binnen de gezondheidszorg, als bestuurder en verpleegkundig specialist. Ze werkte de afgelopen negen jaar als voorzitter van de beroepsvereniging van verpleegkundig specialisten, vicevoorzitter bij de Registratie Commissie Verpleegkundig Specialismen van de beroepsvereniging Verpleegkundigen (V&VN) en op projectbasis bij registers van verschillende beroepsverenigingen. Odile werkt binnen het Erasmus MC aan kwaliteit-verbeterprojecten en kwaliteitsbewaking van het ziekenhuis. Ook werkt ze nog af en toe als verpleegkundig specialist op de afdeling IC-neonatologie. Daar zegt ze over: ‘Ik vind dat je ook nog met je voeten in de klei moet staan’. Odile heeft drie volwassenen zonen en rijdt – het liefst in wedstrijdverband – paard.

Hoe werkt het register?
‘Heel simpel gezegd is een register een ambtelijk orgaan. Je hebt het beleidsdocument waarin alle regels staan die gelden voor registratie, herregistratie en kwaliteitsborging van de fysiotherapeut. Het college beheert dit document, maakt de reglementen en kleurt de processen in. Daarnaast zijn er uitvoeringsorganen voor de registratie en herregistratie, in dit register wordt dit gedaan door het bureau KRF. De accreditatiecommissie borgt de kwaliteit van scholing. Ook heb je de toezichthoudende beroepskamers registratie- en herregistratie en accreditatie. Deze kijken naar de bezwaren. Ten slotte komen er twee adviescommissies, een vanuit de beroepsgroep zelf en een vanuit betrokken stakeholders. 

Voor een goedlopend en transparant register is het van belang dat de drie pijlers: het college als beleidsmaker, het bureau KRF en de accreditatiecommissie als uitvoering en het toezicht (beroepskamers), onafhankelijk van elkaar kunnen werken. Het kan niet zo zijn dat je de regels maakt en tegelijkertijd toezicht houdt op je eigen regels. Mijn opdracht als voorzitter van het college is om KRF NL zo transparant mogelijk neer te zetten, met een duidelijke governance-structuur. Ik ben geen fysiotherapeut, stap er dus blanco in en neem mijn ervaring uit andere registers mee naar KRF NL.’ 

- Je kunt je eigen regels niet beoordelen - 

Wat neem je vooral mee vanuit de andere registers?
‘Wat ik het allerbelangrijkst vind: je moet niet meer willen regelen dan noodzakelijk. Want alles dat je meer regelt, daar kun je op afgerekend worden. Je ziet het bij meerdere registers: we willen allemaal het beste jongetje van de klas zijn. Maar we moeten zeggen: nee, kijk naar de basis die iemand moet hebben. Want die basis, dat is wie we met z’n allen zijn. En dat je daar individueel uit kan springen is natuurlijk prima en dat mag ook beloond worden. Ik denk dat je veel sterker bent als je laat zien wat je heel goed kan. Als je uitgaat van waar je goed in bent en waar je super trots op bent dan komt de rest vanzelf, daar ben ik van overtuigd.’ 

Hoe zorg je voor een transparant register?
‘Kijk, waar ik heel graag naar toe wil werken is dat alles zo open mogelijk is. De mensen achter het college zijn bekend en te vinden op de vernieuwde website. Allemaal vanuit de gedachte: ik ben er trots op mee te werken aan KRF NL. Ook de bijeenkomsten van het college wil ik heel graag openbaar maken. Ik kan geen tienduizend man ontvangen, maar het kan best zijn dat iemand eens wil zien hoe het er aan toe gaat in het college. Dan denk ik dat diegene erbij moet kunnen zitten. En fysiotherapeuten gaan geregeld iets van ons horen. Ik wil weten wat de individuele fysiotherapeut van ons vindt en we staan open voor verbetering. We gaan met scholingsaanbieders praten zodat ook zij kunnen zeggen wat ze goed en minder goed vinden gaan. We willen continu verbeteren en daar heb je feedback voor nodig.’

- We maken regels waar de beroepsgroep beter van wordt -

Wat doet het college?
‘Het college beheert het beleidsdocument dat is goedgekeurd door de ALV in juni 2019. De bedoeling is dat het een dynamisch document wordt. Dit betekent dat we de hele tijd kijken of we het document kunnen verbeteren, of de regels zoals ze zijn op opgeschreven wel goed werken. We moeten vooral de beroepsgroep dienen. En niet alleen de beroepsgroep maar ook de cliënt die bij de fysiotherapeut komt. Want - net als alle mensen die werkzaam zijn in de zorg – we zijn er voor onze patiënten. We kunnen van alles vinden maar als onze cliënten niet tevreden zijn dan houdt het op. 
Wat ik heel graag zou willen is dat als wij een vraag hebben, bijvoorbeeld over hoe we iets moet regelen, we die vraag kunnen uitzetten bij de beroepsgroep om te bespreken hoe we dit het beste kunnen doen.’ 

Hoe werkt dat in de praktijk: de regels maken? 
‘Het college beheert, past aan en maakt regels die te maken hebben met de kerntaken van het KRF NL: registreren, herregistreren en kwaliteitsborging. De regels maken we in dienst van het vak fysiotherapie en dat kunnen we alleen doen als de inhoud duidelijk is. En juist over die inhoud gaat het college niet, die komt bij bijvoorbeeld de inhoudelijke beroepsvereniging(en) en dus bij de fysiotherapeuten vandaan. Als voorzitter ben ik er ook om te bewaken dat in het college niet teveel inhoudelijke discussies gevoerd worden, want uiteindelijk gaat het over het grotere geheel. Dat is mijn opdracht. We hebben nu een college met dynamische mensen die actief willen nadenken over de fysiotherapie. Ik ben er vooral om te bewaken dat wij niet de inhoud bepalen, want die hoort elders, maar dat wij wel zeggen: hoe gaan we nu die inhoud vertalen naar regels waar de beroepsgroep en patiënten beter van worden?’

- Wees trots. Ga uit van wat wél goed gaat - 

Je hebt het over het grotere geheel. Wat bedoel je daarmee?
‘Ik denk dat het heel belangrijk is dat we met z’n allen goed kijken naar waar fysiotherapeuten ontzettend trots op zijn. Naar dat wat we nu al heel erg goed doen. In de nieuwe manier van naar kwaliteit kijken - en dat geldt voor de hele gezondheidszorg - moeten we áf van alleen aandacht voor wat er niet goed gaat, maar aandacht hebben voor wat wel goed gaat. Dat is omdenken. Daar is ook de minister erg mee bezig. Alle sectoren en stakeholders binnen de gezondheidszorg hebben de opdracht gekregen: kijk eens op een andere manier naar kwaliteit en veiligheid. Want het gaat negenennegentig keer goed. Natuurlijk moet je lering trekken uit dingen die niet goed gaan, zo kan je verbeteren. Maar het kan heel verhelderend zijn om te kijken naar dingen die heel vaak goed gaan.’

Wat vraagt dat van de fysiotherapeut? 
Voor het register willen we de nadruk leggen op alle competenties. Dus ook competenties die raakvlakken hebben met je vak maar die niet direct met het lijf te maken hebben, denk aan praktijkvoering of juridische cursussen. In KRF NL kun je dit kwijt in het Vrij Deel. Het Vrij Deel behelst een belangrijk deel in het register. Het liefst wil ik dat we het helemaal niet meer hebben over Vakinhoudelijk of over Vrij Deel, maar dat we het hebben over dé fysiotherapeut met al zijn beroepsgerelateerde competenties.’

Dit artikel is verschenen in FysioPraxis februari 2020. 
Lees FysioPraxis
Lees pdf 

Tekst: Karen van Hameren
Foto: Frans Kanters

Trefwoorden: