• Literatuurlijst Musculoskeletaal 2020/8

    Bekijk de drie wetenschappelijke publicaties die verschijnen als Nederlandstalig referaat met een praktische vertaalslag in de NPi-service en diverse publicaties die vrij toegankelijk zijn op de website van de uitgeverij of het tijdschrift.

  • Robotondersteunde training bij een proximale humerusfractuur: zinvol of niet?

    Trainen met een computergestuurd exoskelet is veilig voor patiënten die herstellen van een operatief herstelde proximale humerusfractuur, maar het heeft geen aanvullende waarde bovenop reguliere behandeling. Wel kan het patiënten motiveren om te (blijven) oefenen. Dat concluderen Duitse onderzoekers die 48 patiënten vanaf vier tot zeven weken na hun operatie behandelden: de ene helft kreeg alleen reguliere zorg, de andere helft volgde daarnaast drie weken robottraining.

  • De uitdagingen en kansen voor patiënten met trochantair pijnsyndroom

    Leven met een trochantair pijnsyndroom heeft een grote impact op patiënten, zowel in rust als tijdens bewegen. Onduidelijkheid over de diagnose en miskenning door behandelaars frustreert hen, en vooral degenen met langdurige klachten zijn pessimistisch over de prognose. Dat ondervonden Britse wetenschappers die tien patiënten met een trochantair pijnsyndroom interviewden en hun ideeën, ervaringen en verwachtingen inventariseerden.

  • Snel na geopereerde heupfractuur starten met trainen is mogelijk en zinvol

    Ook als 65-plussers met een gebroken heup vroegtijdig na hun operatie starten met oefenen verbeteren zij hun fysiek functioneren. Welke trainingsvorm het meest effectief is blijft vooralsnog echter onduidelijk. Dat blijkt uit een Noors literatuuronderzoek dat negen studies analyseerde met 669 ouderen die binnen drie maanden na hun geopereerde heupfractuur hun revalidatie startten.

  • Testen op vertebrobasilaire insufficiëntie niet zinvol

    Manueel therapeuten kunnen volstaan met een gedegen anamnese om patiënten met een verhoogd risico op complicaties bij cervicale manipulaties te signaleren. Diagnostische tests voor vertebrobasilaire insufficiëntie zijn niet betrouwbaar genoeg om een verstoorde bloedtoevoer in de wervelslagaders vast te stellen. Daardoor kunnen zij onterecht de indruk wekken dat de therapeut veilig kan manipuleren. De auteurs van dit artikel raden het gebruik van vertebrobasilaire insufficiëntie tests dan ook af.