1-5 van 84 zoekresultaten
  • Informatie-uitwisseling huisarts-paramedicus (2020) [richtlijn]

    De nieuwe richtlijn HASP-paramedicus biedt artsen en paramedici de basis voor de overdracht van informatie rond het verwijzen van patiënten. De richtlijn is tot stand gekomen door een samenwerking van NHG, KNGF en andere paramedische beroepsverenigingen, en vervangt daarmee de in 2012 gepubliceerde richtlijn HAFT (Informatie-uitwisseling huisarts en fysiotherapeut).

  • Artrose heup-knie [richtlijn]

    De herziene richtlijn Artrose heup-knie van het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF) is een leidraad voor de algemeen fysiotherapeut en oefentherapeut bij de behandeling van mensen met artrose van de heup en/of knie, inclusief de pre- en postoperatieve fase rondom een gewrichtsvervangende operatie.

  • E-learning Artrose heup-knie

    Deze e-learning is gebaseerd op de richtlijn Artrose heup-knie (2018) van het KNGF. De richtlijn is een leidraad voor de algemeen fysiotherapeut en oefentherapeut bij de behandeling van mensen met artrose van de heup en/of knie, inclusief de pre- en postoperatieve fase rondom een gewrichtsvervangende operatie.

  • E-learning Lage rugpijn en lumbosacraal radiculair syndroom

    Deze e-learning is gebaseerd op de herziene KNGF-richtlijn Lage rugpijn en lumbosacraal radiculair syndroom (LRS) uit 2021. De richtlijn vormt een leidraad voor de fysiotherapeutische en oefentherapeutische diagnostiek en behandeling van patiënten met lage rugpijn en LRS.

  • Zelfmanagement

    De KNGF-richtlijn Zelfmanagement is een leidraad voor de fysiotherapeut en oefentherapeut om patiënten te ondersteunen bij het zelfmanagement.

  • Dagelijkse bezigheden als therapie na een distale radiusfractuur

    Patiënten met een geopereerde distale radiusfractuur doen vroeg in de revalidatie vaak onderarm- en polsoefeningen om de beweeglijkheid te normaliseren. Maar er zijn wellicht meer mogelijkheden om het herstel te bevorderen. Welke rol kunnen dagelijkse bezigheden spelen in de revalidatie? Herstellen patiënten beter of sneller als ze hun pols gebruiken bij hun dagelijkse activiteiten? Nieuw-Zeelandse wetenschappers vroegen patiënten hoe zij hun pols gebruikten in de weken na de operatie en wat hun ervaringen waren. Je leest hun bevindingen in dit referaat.

  • Minder patellofemorale pijn door aangepaste landingstechniek?

    Patellofemorale pijn komt veel voor bij sporters die vaak op één been landen, zoals hardlopers en volley-, voet- en basketballers. Meer endorotatie van de heup lijkt het risico op deze klachten te vergroten. Amerikaanse wetenschappers vroegen zich af of een alternatieve landingstechniek, die een groter beroep doet op de gluteus maximus en daardoor de endorotatie tegengaat, tot minder klachten leidt. Benieuwd of dat zo is? Je leest het in dit referaat.

  • Is manuele therapie net zo effectief als oefentherapie bij chronische lage rugpijn?

    Zijn mobilisaties en manipulaties net zo effectief als oefentherapie bij mensen met aanhoudende lage rugpijn? En hoe zit dat met andere behandelvormen zoals medicijnen en myofasciale technieken? In dit systematische literatuuronderzoek gebruikte een internationale onderzoeksgroep individuele uitkomsten van 4.223 lage rugpijnpatiënten om het effect van manuele therapie te vergelijken met andere behandelvormen.

  • Vermijdingsgedrag bij mensen met vestibulaire stoornissen belemmert functioneren

    Net als patiënten met chronische pijn zijn patiënten met vestibulaire stoornissen geneigd om activiteiten en situaties te vermijden als ze bang zijn dat hun klachten daardoor verergeren. Amerikaanse wetenschappers ontwikkelden een korte vragenlijst om vestibulair vermijdingsgedrag te inventariseren. In dit referaat lees je welke gevolgen vermijdingsgedrag heeft voor het functioneren en welbevinden van deze patiënten.

  • Meer aandacht nodig voor pijngedachten na operatief herstelde beenbreuk

    Belemmeren negatieve gedachten en verwachtingen van patiënten het herstel na een beenbreukoperatie? En hoe lang houden die mogelijk negatieve effecten aan? Om daar achter te komen vroegen Amerikaanse wetenschappers 47 aan een beenbreuk geopereerde patiënten naar hun opvattingen over pijn en bewegen en analyseerden een jaar later hun looppatroon.