brechtus.png
15 april 2020

Zorg voor pijn

Meer dan 3 miljoen Nederlanders hebben chronische pijn. Chronische pijn beperkt de kwaliteit van leven. Het beperkt je in je werk en dagelijkse bezigheden. Bovendien lopen door chronische pijn de maatschappelijke zorg- en verzuimkosten enorm op. Zover zelfs dat de totale directe en indirecte kosten vele malen hoger zijn dan die voor diabetes, hartziekten en kanker.

PAiN
De in 2017 opgerichte Pijn Alliantie in Nederland (PAiN) is een samenwerkingsverband van zorgprofessionals en patiëntenorganisaties. De doelstelling? Het tegengaan van de versplintering in zorg voor en behandeling van patiënten met chronische pijn. Het KNGF is vanaf de oprichting lid van PAiN. Dat vind ik vanzelfsprekend omdat fysiotherapeuten in de eerste, tweede en derde lijn dagelijks te maken hebben met patiënten met allerlei vormen van pijn. In de eerste lijn is de potentie aanwezig om chronische pijn al vroeg te herkennen en de behandeling ervan goed in te richten.  
Om de versplintering in de zorg voor deze patiënten tegen te gaan, moet chronische pijn worden benaderd vanuit een integrale visie. Die visie is gebaseerd op het feit dat chronische pijn een gedefinieerde ziekte is (WHO 2019) en dat deze het best via stepped care kan worden aangepakt: in de eerste lijn als het kan, in de tweede lijn als het moet. Zinnig en zuinig.  Om dat te bereiken zijn er al op diverse netwerken die geïntegreerde multidisciplinaire zorg voor deze patiënten vorm geven. Echter, het is dan wel pijnlijk (!) om te zien dat VWS en zorgverzekeraars de bijbehorende pilots en innovatieprojecten nog niet structureel hebben ingebed op een zodanige manier dat kostenreductie een bijeffect is en niet een doel op zich. 
Ook fysiotherapeuten moeten zich op dit terrein verder ontwikkelen. Experts gaven begin 2019 in Fysiopraxis al aan dat fysiotherapeuten rond chronische pijn veel eerder multidisciplinair moeten denken en handelen. Ook moeten ze een duidelijker rol opeisen en nemen in pijneducatie en kennis opbouwen over stoornissen en bewegen in combinatie met kennis over wat mensen beweegt en waarom. De International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF) biedt de fysiotherapeut daarvoor de handvatten en het podium.  
 
Om fysiotherapeuten hierbij te ondersteunen publiceert het KNGF nog dit jaar een leidraad (door de lijnen en de verbijzonderingen heen) voor de fysiotherapeutische benadering en behandeling van chronische pijn. Pijngerichte en somatiserende behandelingen hebben daarin een veel kleinere positie dan de aspecten van het biopsychosociale model. Daarbij zal de herkenning van contextuele factoren een basisvaardigheid zijn. 
 
Chronische pijn vraagt om aandacht van fysiotherapeuten en PAiN vervult daarbij een belangrijke rol. Ik wijs daarom graag ook nog op twee symposia die PAiN dit jaar organiseert: in maart het symposium “Pijn, ketenzorg en levensloop” in Groningen en in augustus het IASP 2020 World Congress on Pain in Amsterdam. 
 
Brechtus