22 december 2020

Aanspraken voor patiënten met COPD per 1 januari 2021 aangepast

Per 1 januari 2021 worden de aanspraken voor patiënten met COPD aangepast. In de praktijk was veel discussie ontstaan over de aanspraken en aantallen behandelingen voor patiënten die onder categorie B vielen.

Op ons aangeven heeft Zorginstituut Nederland de minister geadviseerd de aanspraken te verbeteren.

Waarom deze aanpassing?
Zorginstituut Nederland heeft op ons aangeven geconstateerd dat er in de categorie B  (patiënten met één of geen longaanval/exacerbatie zonder ziekenhuisopname) toch sprake kan zijn van een zodanig hoge ziektelast dat het aantal behandelingen dat oorspronkelijk aan deze categorie was gekoppeld onvoldoende is. Om die reden is categorie B opgesplitst in B1 en B2.

Waar bestaat de aanpassing uit?
Omdat er patiënten met een hoge ziektelast zijn waarvoor het oorspronkelijke aantal behandelingen in categorie B onvoldoende is, is patiëntencategorie B opgesplitst in B1 en B2.

Voor categorie B1 blijft het oorspronkelijke aantal behandelingen van toepassing: max. 27 in het eerste jaar en max 3. in de daaropvolgende jaren.

Voor categorie B2 wordt het aantal behandelingen waarop aanspraak bestaat gelijk gesteld aan de aantallen van categorie C en D, respectievelijk max. 70 in het eerste jaar en 52 in de jaren daarna.

Hoe bepaal ik of mijn patiënt in B1 of B2 valt?
Het gaat bij categorie B1 om patiënten die of geen of één longaanval hebben gehad in het voorafgaande jaar en die niet in het ziekenhuis zijn opgenomen geweest.

Om voor categorie B2 in aanmerking te komen moet er aan twee voorwaarden worden voldaan: de CCQ uitslag is groter of gelijk aan 1.9 en op de zes minuten wandeltest is minder dan 70% gescoord. Alleen als de patiënt aan deze beide meetuitslagen voldoet komt hij in categorie B2.
Alle andere patiënten komen of blijven in B1. Dat is dus het geval als de CCQ lager is dan 1,9 óf de score op de 6MWT hoger is dan 70%.

Hoe gaat de overgang van het eerste jaar naar de onderhoudsjaren?
Voor alle categorieën geldt dat na het eerste jaar opnieuw moet worden gekeken naar het aantal longaanvallen. Dus als het aantal longaanvallen daalt van meer dan 2 zonder ziekenhuisopname of meer dan 1 met ziekenhuisopname (categorieën C en D) naar 0 of 1 zonder ziekenhuisopname (A of B) gaat de patiënt van C of D naar A of B. De beginmetingen en startwaarden worden opnieuw bepaald. De indeling in categorieën kan dus na een jaar of gedurende het jaar (zie de andere FAQ’s) wijzigen.

Waarom stemmen de aantallen in de aanspraken  niet overeen met die in de nieuwe richtlijn?
De richtlijn is afgerond nadat de aanspraken COPD per 1-1-2019 werden gewijzigd. De wijziging in categorie B die nu wordt doorgevoerd komt wel voort uit de inhoudelijke gesprekken over de richtlijn, maar aanspraken en richtlijn sluiten inderdaad nog niet 1-op-1 op elkaar aan.

Aanpassing van de aanspraken in de formele regelgeving zijn langdurige trajecten. Wij hebben daarbij, al voordat de richtlijn was afgerond, prioriteit gegeven aan de oplossing voor patiënten met hoge ziektelast zonder (veel) longaanvallen. Wij zijn in gesprek met alle betrokken partijen om dat te verbeteren. Of dat op korte termijn tot een resultaat zal leiden kan op dit moment nog niet worden aangegeven.

Bekijk hier het stroomschema 'Aanspraken COPD Basisverzekering per 01-01-2021'.